Geen voorjaar is hetzelfde: was het in de 2 voorgaande jaren al vroeg kurkdroog, in 2020 was het daarentegen in maart nog zo nat dat er geen werkzaamheden op het land uitgevoerd konden worden. Hoe nat het ook was in maart, binnen de kortste keren was het, net als de voorgaande jaren, weer kurkdroog. Maar ook nu bewezen de zonnepompen hun nut, op en bij de plas/dras gebieden waren al vroeg in april de eerste kievitpullen gezien. Nu SBB ook meerdere zonnepompen geplaatst had waren er op diverse plekken in het Oudeland plassen waar regelmatig pullen van Grutto, Kievit en Tureluur gezien werden. Met het aanhoudende mooie weer waren de omstandigheden goed en leek het een goed broedseizoen te worden.

Op de beheergebieden kwamen Grutto’s wat later tot broeden maar ook daar werden pullen van Grutto, Tureluur en Kievit gezien. Met de geplaatste wildcamera bij werden daar prachtige foto’s en filmpjes van gemaakt. Vooral dat nieuwkomer de Kluut hier ging broeden was een verrassing. Helaas kwam er vrij plotseling een kentering: zagen we de ene dag nog volop alarmerende oudervogels, een paar dagen later was daar weinig van over.  

Gelukkig duurde het broedseizoen lang en werden er tot ver in juli toch nog jonge vogels gespot. Op enkele percelen werd de maaidatum uitgesteld van 1 naar 15 juni.

De plas/dras gebieden bewezen hun nut niet alleen voor jonge vogels, ook vroege trekkers als Kemphaan, Witgat en Watersnip werden er gespot.

Samengevat: ondanks een veelbelovend begin is het, vooral voor de Grutto, een slecht seizoen geweest. Weinig overleving van kuikens. Positief is dat er wel pullen van de Kluut vliegvlug geworden zijn.

Mijn bijgaande link kunt u de tellingen door HWL van de territoria zien https://cchw.eu/wp-content/uploads/2020/10/territoria-2020.doc